|
Begroting 2011
Een vermindering van het tekort tot 3,6%
Naast de maatregelen die in oktober 2009 werden
genomen in het kader van de meerjarenbegroting 2010-2011 heeft de
Belgische regering op 24 maart 2011 de begroting 2011 goedgekeurd, die
de tot dan goedgekeurde voorlopige kredieten en financiewet moet
vervangen. Die begroting zal tegen midden april bij het Parlement worden
ingediend. De doelstelling van de Belgische overheid inzake
vorderingensaldo is een tekort van 3,6 % van het bbp. Die doelstelling:
1) is 0,5 % van het bbp gunstiger dan die in
het stabiliteitsprogramma van januari 2010;
2) moet het mogelijk maken de endogene
overheidsschuld te stabiliseren;
3) is gunstiger dan wat de Hoge Raad van
Financiën had vooropgesteld.
Het is niet uitgesloten dat de
begrotingsresultaten nog beter uitvallen dan verwacht. De doelstelling
van de Belgische overheid houdt immers geen rekening met de betere
resultaten van 2010.
Op basis daarvan zou, in vergelijking met het in
januari 2010 ingediende stabiliteitsprogramma, het tekort van de
Belgische overheidsdiensten vanaf 2011 de drempelwaarde voor de
procedure bij buitensporige tekorten dichter moeten benaderen. De
Belgische regering is van mening dat ze zo haar Europese verplichtingen
voor het jaar 2011 onverkort nakomt.
Maatregelen op het niveau van Entiteit I
De begroting op het niveau van Entiteit I stoelt
op het rapport van het Monitoringcomité van 14 februari 2011(1).
De ramingen bij ongewijzigd beleid wezen op een vorderingensaldo van -
4,5 % van het bbp voor de gezamenlijke overheid en van -3,7 % voor
Entiteit I.
Op federaal niveau besliste de regering, ondanks
de lopende zaken, de nodige maatregelen te nemen om aan Europese eisen
te voldoen. Daarbij legde ze klemtoon enerzijds op de beheersing van de
uitgaven en anderzijds op de optimale inning van de overheidsinkomsten
en op een verscherpte controle inzake sociale en fiscale fraude. De op
het niveau van Entiteit I genomen maatregelen zijn goed voor 0,6 % van
het bbp.
|
TABEL 12
Overzicht van de
maatregelen genomen op het niveau van entiteit I in het
kader van de begroting 2011 |
|
In miljoen EUR
|
Maatregelen Entiteit I
Begroting 2011 |
|
Primaire uitgaven
|
506 |
|
Sociale zekerheid
|
501 |
|
waarvan gezondheidszorg |
252 |
|
fraude in de sociale zekerheid |
78 |
|
Fiscale uitgaven
|
693 |
|
waarvan bankgeheim, regularisaties, transacties die
strafrechtelijk vervolgbaar zijn |
460 |
|
notionele interesten |
50 |
|
Niet-fiscale uitgaven
|
592 |
|
waarvan
bijkomende dividenden van financiële instellingen |
422 |
|
Totale inspanning
|
2292 |
|
Totale inspanning (in % bbp)
|
0,6 |
Wat de primaire uitgaven betreft, heeft de
Belgische overheid de klemtoon gelegd op de efficiëntiewinsten. Naast
het feit dat de initiële kredieten werden opgesteld op basis van de
voorlopige twaalfden en de benuttingsgraad ervan werd herzien op basis
van die van de vorige jaren, werd voor 2011 een vermindering van de
kredieten van de ministeriële kabinetten met 10% beslist (6 miljoen
EUR).
Wat de sociale zekerheid betreft, wordt ook daar
de klemtoon gelegd op de beheersing van de uitgaven, inzonderheid in de
gezondheidszorg. In die sector werden zowel in 2010 als in 2011
besparingsmaatregelen doorgevoerd, voornamelijk in de
geneesmiddelensector en in sectoren met een grote uitgavengroei
(klinische biologie en medische beeldvorming). Bijkomend zal in 2011,
gelet op de heel gematigde groei van de gezondheidszorguitgaven in 2010,
een bijkomende minderuitgave van 252 miljoen EUR worden gerealiseerd,
bovenop de 1.094 miljoen EUR beslist op 15 oktober 2010.
Er werden ook extra maatregelen beslist in het
kader van de fraudebestrijding, onder meer om de schijnzelfstandigen aan
te pakken, in de sector van de dienstencheques en op het vlak van de
tijdelijke werkloosheid, waarbij met name de elektronische aangifte
wordt veralgemeend. Wat de dienstencheques betreft, heeft de regering
beslist de erkenningsvoorwaarden te verstrengen en een reeks maatregelen
te nemen om inbreuken en fraude beter te bestrijden.
De Belgische overheid heeft bovendien inzake
fiscale inkomsten twee belangrijke beslissingen genomen teneinde tot een
billijker inning ervan te komen in een internationale context van
toenemende informatie-uitwisseling en in het kader van de
spaarrichtlijn: 1) de opheffing van het bankgeheim en 2) een regeling
met betrekking tot minnelijke schikkingen (in strafzaken).
Het federaal Parlement besliste onlangs het
bankgeheim op te heffen voor de inkomstenbelasting, en dit onder
bepaalde voorwaarden teneinde de bescherming van de privacy te
garanderen. Die maatregelen zouden de efficiëntie van de strijd tegen de
fiscale fraude in ons land moeten verbeteren en het bovendien in staat
stellen internationale sancties te vermijden door de aanwezigheid van
een juridisch instrument om bankgegevens uit te wisselen met andere
lidstaten met het oog op het vestigen van de inkomstenbelasting door die
lidstaten. Die nieuwe beslissingen zouden er ongetwijfeld talrijke
burgers moeten toe aanzetten in de komende maanden een regularisatie aan
te vragen mits betaling van de verschuldigde belasting en van een boete.
Het federaal Parlement heeft ook een procedure
goedgekeurd inzake minnelijke schikking in strafzaken. Meer bepaald
voorzien die schikkingen in een reeks maatregelen die het systeem van
verval van strafvordering uitbreiden mits betaling van een geldsom, de
zogenaamde minnelijke schikking. Die minnelijke schikking is slechts
mogelijk na betaling van de ontdoken belastingen of sociale bijdragen,
interesten inbegrepen, en na akkoord van de fiscale of de sociale
administratie. Dankzij deze maatregel zou de Belgische overheid de
sommen die haar toekomen sneller en beter moeten kunnen recupereren.
Al die maatregelen, samen met de fiscale
regularisaties en de maatregelen om de misbruiken op het vlak van de
notionele interest tegen te gaan, zouden 510 miljoen EUR moeten
opbrengen.
Bovendien ontvangt de federale Staat toenemende
inkomsten vanwege de financiële sector als gevolg enerzijds van de
stijging van de dividenden van bepaalde instellingen in een context van
toenemende rentabiliteit en anderzijds van een verhoogde opbrengst van
het waarborgsysteem voor deposito’s gezient op de stijging van het
volume ervan.
|
TABEL 13
Begrotingsimpact
van de bijdragen van de financiële sector in 2011 |
|
In miljoen EUR
|
Bijdragen financiële sector 2011 |
|
Deelnemingen |
361,6 |
|
Leningen |
425,1 |
|
Garanties
|
622,5 |
|
Speciaal beschermingsfonds
|
751,9 |
|
Totaal |
2161,1 |
Zoals verder in detail zal worden uiteengezet in
hoofdstuk 7 alsook in het nationaal hervormingsprogramma heeft de
Belgische regering bepaalde maatregelen aangenomen om het
concurrentievermogen van de Belgische economie te verbeteren, de
binnenlandse vraag te ondersteunen, de arbeidsmarkt flexibeler te maken
en de terugkeer naar de arbeidsmarkt te vergemakkelijken voor personen
met een handicap.
Maatregelen op het niveau van Entiteit II
Ook de gefedereerde entiteiten hebben ingrijpende
besparingsmaatregelen genomen voornamelijk om de efficiëntie van de
overheidsbesturen te verbeteren.
De drie volgende sub-secties hernemen de
bijdragen van de respectievelijke gefedereerde entiteiten.
Waals Gewest en Franse Gemeenschap
« Reeds vanaf de zomer 2009 hebben de regeringen
van Wallonië en van de Franse Gemeenschap tot een pakket maatregelen
beslist om de evolutie van de primaire uitgaven van beide Entiteiten te
beheersen.
Er werden ook maatregelen genomen om het
rendement van bepaalde gewestelijke inkomsten te verbeteren. Het was de
doelstelling van beide regeringen om Wallonië en de Franse Gemeenschap
op een traject te plaatsen om tegen 2015 een evenwicht te bereiken en
daarbij te zorgen voor de financiering van de beleidsverklaring van het
Gewest en de Gemeenschap, inzonderheid het Marshall 2.Vert-plan.
Die maatregelen werden ingevoerd van bij de
aanpassing van de begroting 2009 en uiterlijk in het kader van het
opstellen van de begroting 2010. De voornaamste besparingsmaatregelen
zijn recurrent over de volledige periode 2009-2015. Namelijk:
· vanaf 2009, een vermindering met 15 % van
de uitgaven voor de werking van de ministeriële kabinetten alsook
een daling van het aantal Ministers;
· bevriezing van de werkingsdotaties voor het
Waals parlement en het parlement van de Franse Gemeenschap;
· bevriezing van de werkings- en/of
investeringstoelagen voor de instellingen van openbaar nut en de
RTB;
· afschaffing van een reeks nieuwe
beleidsmaatregelen die werden overwogen toen de economische
conjunctuur gunstiger was;
· vermindering met 3 % van de uitgaven voor
het openbaar ambt;
· vermindering met 30 % van het
communicatiebudget van Wallonië;
· bevriezing van de kredieten voor bepaalde
primaire uitgaven.
Op het niveau van de Franse Gemeenschap werd de
fasering van bepaalde meerjarenplannen voor uitgaven (herwaardering van
de werkingsdotaties en –toelagen voor onderwijsinstellingen,
herfinanciering van de universiteiten, …) herzien teneinde de impact
ervan af te vlakken over de beschouwde periode.
Het gros van de maatregelen van de regeringen
vormen structurele besparingen en hebben uitwerking gedurende de hele
periode van onderhavig stabiliteitsprogramma.
Voorts hebben de regeringen van Wallonië en van
de Franse gemeenschap beslist om in 2010 en in 2011 een deel van de
extra inkomsten ingevolge het herstel van de economische activiteit te
besteden aan de afbouw van de financieringsbehoefte, en dit ten belope
van 100 en 222 miljoen EUR voor respectievelijk 2010 en 2011. »
Vlaams Gewest
« Het bewaren van gezonde overheidsfinanciën was
en is één van de belangrijkste uitdagingen van de huidige Vlaamse
regering.
Het terugdringen van de uitgaven van de globale
Vlaamse overheid, met het oog op toekomstige beleidsruimte en om een
gezond socio-economische weefsel in stand te houden en om vanaf 2011
opnieuw over een begroting in evenwicht te kunnen beschikken was en is
één van de belangrijkste uitdagingen van de huidige Vlaamse regering.
Bij haar aantreden berekende de regering dat –
gelet op de ingevolge de financieeleconomische crisis teruggevallen
ontvangsten - een structurele besparingsinspanning van ruim 2 miljard
EUR nodig was gespreid over de periode 2009-2011, waarbij er in 2009 nog
een tekort mocht zijn van 1 miljard EUR , in 2010 van 500 miljoen EUR en
in 2011 een begroting in evenwicht.
Bij haar aantreden (juli 2009) is de regering
gestart met een bewarende maatregel: uitgaven en engagementen mochten
voor maximum 8/12 worden benut. Deze maatregel werd begin september
(10/12) en begin oktober 2009 (11/12) versoepeld om eind oktober te
worden opgeheven.
Eind oktober 2009 werden immers de
begrotingsdocumenten (begrotingscontrole 2009 en begrotingsopmaak 2010)
bij het parlement ingediend.
De vooropgestelde doelstelling – een begroting in
evenwicht in 2011 - werd inmiddels gerealiseerd. Vanaf 2011 zal de
Vlaamse begroting in evenwicht zijn.
Volgende besparingen werden in 2010 doorgevoerd:
· Selectieve verdeling indexprovisie : 100
miljoen EUR;
· Nulindexatie in 2009 en 2010 van
niet-loongebonden kredieten : 120 miljoen EUR;
· Efficiëntieverhoging apparaat (2,5% op het
loonaandeel en 5% op het functioneringsaandeel) : 133 miljoen EUR;
· Efficiëntiewinst facultatieve subsidies
(5%) : 45 miljoen EUR;
· Besparing gereglementeerde subsidies (2%) :
28 miljoen EUR;
· Communicatie en consultancybudgetten (-20%)
: 8,5 miljoen EUR;
· Het selectiever maken van de jobkorting :
635 miljoen EUR;
· Punctuele maatregelen (zoals Hermesfonds,
kabinetskredieten, herraming van de rente, optrekken van de eigen
ontvangsten van het Minafonds, verlenging van de afbetalingstermijn
Aquafin, vertraging van de loonindexering…) : 150 miljoen EUR;
· Een beperkt aantal eenmalige maatregelen
genomen, zoals de verkoop gronden VMM : 125 miljoen EUR, activeren
van de aanwezige reserves bij de VMSW en het Woningfonds : 95
miljoen EUR.
Om het vooropgestelde begrotingsevenwicht in 2011
te behalen werden eerst en vooral de bij de regeringsformatie
afgesproken besparingen doorgevoerd.
· nulindexatie van de niet-loongebonden
kredieten in 2011;
· bijkomende besparing op apparaatkredieten
van 1,5% voor het loonaandeel en van 2,5% voor het werkingsaandeel;
· bijkomende besparing op facultatieve
subsidies van 5%;
· bijkomende besparing van 2% op de andere
subsidies met uitzondering van een aantal welzijns- en sociale
sectoren zoals gehandicaptenzorg, kinderopvang, jongerenwelzijn,
thuiszorg, sociale en beschutte werkplaatsen en huursubsidies;
· bijkomende besparing op communicatie en
consultancykredieten à rato van 10%.
Daarnaast werden nog een aantal punctuele
besparingen ten bedrage van 376 miljoen EUR doorgevoerd.
Er werden geen besparingen doorgevoerd op
investeringen.
Bovendien werd in 2011 de onderbenutting
drastisch verlaagd tot 120 miljoen EUR, waardoor de begroting 2011
realistisch is opgesteld en het vooropgestelde begrotingsevenwicht zal
worden gehaald.
Dank zij de doorgedreven besparingen en een
aantal meevallers langs ontvangstenzijde konden reeds in de jaren 2010
en 2011 nieuwe beleidsmaatregelen worden getroffen ter versterking van
het socio-eonomisch weefsel.
Besparingen zijn geen doel op zich. Besparingen
zijn er om de toekomst te vrijwaren. Bij de regeringsformatie werd een
groeipad uitgetekend met betrekking tot het te voeren beleid.
In 2010: 77,5 miljoen EUR.
In 2011: 150 miljoen EUR om naar het einde van de
legislatuur in functie van de economische conjunctuur uit te komen op 1
miljard EUR of 1,4 miljard EUR.
Reeds in 2010 konden volgende extra uitgaven
worden toegekend:
· 22,5 miljoen EUR provisie voor het
werkgelegenheidsplan,
· 10 miljoen EUR extra voor kinderopvang,
· 22,5 miljoen EUR extra voor de sector
personen met een handicap,
· 22,5 miljoen EUR extra voor investeringen.
Het in 2010 reeds aangezette nieuw beleid werd in
2011 verder opgebouwd en versterkt:
· Nieuw sociaal beleid (kinderopvang):
verhoging met 10 miljoen EUR tot 20 miljoen EUR;
· Gehandicaptenzorg (wegwerken
wachtlijsten)/welzijn: verhoging met 45 miljoen tot 67,5 miljoen
EUR;
· Werkgelegenheids- en investeringsplan:
verhoging met 7,5 miljoen EUR tot 30 miljoen EUR;
· Wonen: 12,9 miljoen EUR;
· Buitenlands beleid/toerisme: 4,1 miljoen
EUR ;
· Landbouw/platteland: 3,8 miljoen EUR;
· Economie/fiscaliteit (kilometerheffing):
2,6 miljoen EUR;
· Vlaamse rand: 0,6 miljoen EUR;
· Cultuur: 0,9 miljoen EUR;
· Investeringen: 7,5 miljoen EUR.
Voor kapitaalsparticipaties wordt 310 miljoen EUR
ingeschreven. Daarbovenop komt nog 10 miljoen EUR voor
kapitaalparticipaties IMEC en Vlaams Instituut voor Biotechnologie.
Voor de volgende jaren zijn volgende
uitgavenverhogingen afgesproken:
· 2011: 150 miljoen EUR;
· 2012: 350
miljoen EUR;
· 2013: 600 miljoen EUR
· en 2014: 1 miljard EUR (1,4 miljard
EUR).
Daarbovenop wordt over de gehele legislatuur 800
miljoen EUR vrijgemaakt voor kapitaalsinvesteringen.
Bij de aan gang zijnde begrotingscontrole 2011
zal voorgaande lijn worden aangehouden. De meevallers langs de
ontvangstenzijde als gevolg van hogere bbp-groei (2% i.p.v. 1,7%) en
inflatie (2,7% i.p.v. 2%) zullen in belangrijke mate worden aangewend om
de nodige provisies aan te leggen en om verplichtingen van het verleden
te honoreren en aldus de Vlaamse begroting verder te bufferen.
De Vlaamse begroting is gezond omwille van:
· De realistische raming van de nodige
betaalkredieten en het aanleggen van de nodige provisies;
· Beperking opbouw (345 miljoen EUR in 2010, 133
miljoen EUR in 2011) en vanaf 2012 afbouw impliciete schuld;
· Terugdringen van de in de begrotingen geraamde
onderbenutting van 456 miljoen EUR in 2010 tot 120 miljoen EUR in de
begroting 2011.
Ook naar de komende jaren zal een orthodox
begrotingsbeleid worden gevoerd. De sluitende meerjarenbegroting
2011-2014, ingediend in het Vlaams parlement op 30 april 2010, zal in
dit licht worden geactualiseerd, zodat de Vlaamse begroting voor de
jaren 2012-2014 ook verder structureel in evenwicht zal zijn. »
Brussels Hoofdstedelijk Gewest
« De begrotingsopmaak 2010 ging uit van een
doelstelling van -312.509.000 euro. Hierbij werd o.m (niet exhaustief)
op de zogenaamde “samendrukbare” uitgaven, de niet-organieke uitgaven,
een besparing van 13% vooropgesteld t.o.v. 2009, een alternatieve
financiering ten bedrage van 55 miljoen euro voor het
investeringsprogramma van de MIVB uitgewerkt via het Belirisfonds en het
schuldbeheer verbeterd teneinde een besparing van 10 miljoen EUR op de
intresten te realiseren.
Uiteindelijk resulteert de voorlopige uitvoering
van de begroting 2010 in een ESR tekort van – 259.849.296 EUR
(52.659.704 EUR in min).
Vanuit socio-economisch perspectief staat het
Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor volgende prioritaire uitdagingen.
Een antwoord moet geboden worden aan de bevolkingsexplosie (stijging van
het inwoneraantal met bijna 10 % tussen 2004 en 2010), aan de hoge
werkloosheidsgraad van voornamelijk laaggeschoolden en aan de verarming
van zijn inwoners. Desalniettemin werd bij de begrotingsopmaak 2011
eenzelfde begrotingsdoelstelling als deze van 2010 vooropgesteld.
Hierbij werden de meeruitgaven tov 2010 maximaal gecompenseerd gebaseerd
op het principe van een constant beleid behoudens wettelijke
verplichtingen en wettelijk voorziene indexeringen. Prioriteit werd
gegeven aan de afbouw van het encours, een impliciete schuld.
De regering engageerde zich daarenboven om dit
tekort verder te beperken bij correcte financiering van het Brussels
Hoofdstedelijk Gewest. De middelen van het Gewest moeten niet alleen
voldoende zijn om zijn inwoners een legitiem beleid te kunnen bieden
maar ook om de diensten te financieren die het Gewest biedt aan het
geheel van de Belgische en Europese bevolking.
Zo ook is de meerjarenbegroting sterk afhankelijk
van de jaarlijkse herfinanciering van het Gewest. Het meerjarentraject
is dan ook voorlopig en indicatief, gelet op de onzekere institutionele
context. Dit traject zal sterk wijzigen in functie van de discussies die
heden gevoerd worden op federaal niveau over de aanpassing van de
bijzondere financieringswet en de correcte financiering van Brussel,
hetgeen inhoudt dat, in functie van de wijzigingen, dit traject positief
of negatief kan evolueren.»
|
TABEL 14 Vorderingensaldo Brussels Hoofdstedelijk Gewest |
|
In miljoen EUR |
2011 |
2012 |
2013 |
2014 |
2015 |
2016 |
|
Vorderingensaldo |
313,0 |
-254,1 |
-172,5 |
-116,5 |
-40,9 |
0,0 |
(1) www.begroting.be
|