NL  |   | 
Contact | Help | Sitemap       Zoeken:   Search .be

Belgisch Stabiliteitsprogramma

2011 - 2014

 

U bent hier : Belgisch Stabiliteitsprogramma breadcrumb image Traject 2011-2014 breadcrumb image Geleidelijke afbouw van de overheidsschuld in lijn met de toekomstige Europese richtlijnen

Geleidelijke afbouw van de overheidsschuld in lijn met de toekomstige Europese richtlijnen

Na een aanzienlijke daling met 29,5 % van het bbp over de periode 1999-2007 is de schuldgraad onlangs fors toegenomen en opgelopen tot 96,8% in 2010 tegen 84,2% in 2007, waarbij meteen een einde werd gemaakt aan de ononderbroken daling sinds 1993. Behalve de endogene stijging van de schuldgraad in het kader van een daling van het bruto binnenlands product en beduidende verslechtering van de overheidsfinanciën in het kielzog van de economische crisis, is de toename van de schuldgraad ook te wijten aan het belang van de exogene factoren die de evolutie van de schuld bepalen in het kader van de interventies in de financiële sector die nodig waren om die sector te stabiliseren.

Gelet op de hoge schuldgraad en bijgevolg de gevoeligheid van de Belgische economie voor plotse rentebewegingen, neemt de Belgische regering zich voor de schuldgraad zo snel mogelijk te stabiliseren. Gelet op de impact van sommige operaties om hulp te bieden aan Griekenland en Ierland in het kader van het Europees steunmechanisme is het in eerste instantie van belang de endogene schuldgraad terug te dringen en in tweede instantie de daling van de globale schuldgraad op gang te brengen.

In de komende jaren en gelet op de gehanteerde hypothesen, zou de endogene schuld zich in 2011 moeten stabiliseren met een minimale doelstelling van -3,6 % van het bbp inzake vorderingensaldo. De totale schuld zou evenwel blijven toenemen onder invloed van de 2de schijf van de lening aan Griekenland ten belope van 1,28 miljard (of 0,35 % van het bbp), overeenkomstig de verbintenissen die België is aangegaan in het kader van het steunmechanisme voor dit land alsook onder invloed van de hulp aan Ierland ten belope van 607 miljoen EUR, of 0,16 % van het bbp.

Vanaf 2012 zou de schuldgraad van de gezamenlijke overheid, volgens de EDP-definitie, moeten beginnen afnemen aangezien het niveau van het effectieve primair saldo hoger is dan het primair saldo dat nodig is om de schuldgraad te stabiliseren en omdat de exogene factoren relatief zwak zouden zijn. In 2015 zou de schuldgraad dus opnieuw onder de 90 % uitkomen en opnieuw het niveau van 2007 benaderen, met een schuldgraad van 88,4 %(1).

TABEL 18
Schuldgraad

In % bbp 2010 2011 2012 2013 2014
1. Schuldgraad 96,8 97,5 96,5 95,1 92,2
2. Evolutie van de schuldgraad 0,6 0,7 -1,0 -1,4 -2,9
  Bepalende factoren evolutie brutoschuldgraad
3. Primair saldo -0,7 0,1 0,7 1,8 2,9
4. Interestbetalingen 3,4 3,5 3,6 3,7 3,6
5. Exogene factoren die de schuldgraad beïnvloeden 0,1 0,8 0,2 0,2 0,2
p.m. impliciet interestniveau 3,7 3,7 3,8 3,9 4,0
p.m. endogene schuld 96,7 96,7 96,3 94,9 92,0

Met een daling van 9,1 % van de overheidsschuld over de periode 2011-2015, wat dus staat voor een jaarlijkse gemiddelde daling van 2,3 %, beantwoordt België reeds ruimschoots aan de toekomstige Europese eisen in het kader van het preventief gedeelte van het stabiliteitsen groeipact. Voor België voorziet dit pact in een minimale jaarlijkse daling van de schuld met ongeveer 2 % van het bbp(2).

TABEL 19
Primair saldo vereist om de endogene schuldgraad te stabiliseren

In % bbp 2010 2011 2012 2013 2014
Vereist primair saldo voor stabilisering endogene schuld -0,2 -0,3 -0,4 0,1 -0,2
Genormeerd primair saldo -0,7 -0,1 0,7 1,8 2,9

Merk op dat die evolutie van de overheidsschuld in lijn is met de eerder bepaalde doelstellingen in termen van vorderingensaldo en berust op het feit dat de financiële instellingen in de periode 2011-2015 geen terugbetalingen uitvoeren. Gelet op de verbintenis van de Belgische overheid inzake de bestemming van een eventuele afbouw van de participaties in de financiële sector, zou de terugbetaling vanwege bepaalde financiële instellingen gedurende de periode 2011-2015 de Belgische schuld met eenzelfde bedrag doen afnemen.

In het kader van de financiële crisis heeft de Belgische regering de financiële sector waarborgen verleend teneinde te zorgen voor een normale werking ervan. Die waarborgen hebben, in tegenstelling tot de kapitaalparticipaties en leningen, geen enkele invloed op de geconsolideerde bruto schuld aangezien ze in de nationale rekeningen als contingente verbintenissen worden beschouwd en buiten balans zijn opgenomen. Die waarborgen, voor een totaal bedrag van 55,7 miljard EUR eind 2010, tegenover 92,4 miljard EUR in 2009, vormen een theoretisch maximumrisico. In 2011 zouden de waarborgen oplopen tot 41,2 miljard EUR, hetzij 11% van het bbp. Tot op heden diende geen enkele waarborg te worden geactiveerd. Om dit risico te beheersen wordt de evolutie van de verschillende onderlinge activa op de voet gevolgd en gecontroleerd door een monitoringcomité.

TABEL 20
Daadwerkelijke toekenning van staatswaarborgen aan de financiële sector

In miljard EUR Eind 2010 2011 (raming)
Dexia 26,9 14,0
FSA 5,2 5,2
Fortis Bank 3,9 3,9
RPI 4,6 4,6
KBC 15,1 13,5
Totaal 55,7 41,2
als % van het bbp 15,9 % 11,3 %

(1) Het Agentschap van de Schuld plant voor het ogenblik geen renteswap-operaties, zoals in 2009 en 2010 wel het geval was, aangezien de doelstelling inzake verlenging van de maturiteit van de portefeuille van schuldpapier normaal verwezenlijkt zal zijn met het emissieprogramma voor langetermijnpapier. In geval van een aanhoudende inflatoire druk zou de Schatkist niettemin wel payer swaps (waarbij zij de vaste rente betaalt en de vlottende ontvangt) kunnen instellen om het marktrisico (herzettingsrisico) te beperken. Mutatis mutandis kan ze bij een dreigende recessie receiver swaps afsluiten, wat overigens in de eerste helft van 2009 gebeurd is. Deze laatste posities werden ondertussen al weer afgebouwd.

(2) Minimale afbouw met 1/20 van het verschil tussen de schuldgraad en 60% van het bbp. Voor België is dit dus (96,8 % - 60 %)/20 = 1,8 % van het bbp.

Laatste wijziging : 11-07-2011
 

©2006 Belgian Federal Government  | Disclaimer |  Privacy